‘Het kind staat hier centraal, niet het ziektebeeld’

Laatst gewijzigd: 8 oktober 2025 | Leestijd: 6 minuten

Voor kinderen met een (zeldzame) aandoening zoals CHD bestaan verpleegkundige kinderdagverblijven. Daar krijgen zij de aandacht én zorg die zij nodig hebben, dankzij de aanwezige verpleegkundigen. Linda Willems van Dea Dia in Arnhem en Marjolein Bakker van Zigzag uit Hoorn vertellen over de dagelijkse gang van zaken op een verpleegkundig kinderdagverblijf.

Een meisje van een jaar of 2 staat in het kleine houten huisje lekker te ‘kokerellen’. Een ander kruipt vrolijk voorbij over de grijze tegels van het sfeervolle, kleinschalige kinderdagverblijf Dea Dia in Arnhem. Tot zo ver is het beeld vertrouwd. Tegelijkertijd valt er direct iets op aan de kinderen. De meesten hebben een pleister op hun wang en een slangetje in hun neus, vanwege de sondevoeding die ze krijgen.

Verpleegkundig kinderdagverblijf

Dea Dia is namelijk één van de verpleegkundige kinderdagverblijven in Nederland. Dit zijn speciale opvangplekken voor kinderen die een (zeldzame) aandoening hebben, zoals CHD, en gedurende de dag zorg nodig hebben. Daarom werken er naast leidsters en pedagogisch medewerkers óók verpleegkundigen. Bovendien is de begeleiding intensiever, per twee à drie kinderen is er één personeelslid.

Een verpleegkundig kinderdagverblijf is iets anders dan een medisch kinderdagverblijf. Een medisch kinderdagverblijf is van oudsher gericht op gedrags- en ontwikkelingsproblematiek en niet, zoals de naam suggereert, het verrichten van medische handelingen. Een verpleegkundig kinderdagverblijf is juist gericht op het uitvoeren van (voorbehouden) medische handelingen.

Verpleegkundige handelingen

“Naast sondevoeding krijgen de meeste kinderen met CHD ook nog zuurstof”, vertelt Linda Willems, kinderverpleegkundige en oprichter van Dea Dia. “En sommigen liggen aan een monitor om hun hartslag en saturatie in de gaten te houden. Alle verpleegkundige handelingen die verricht moeten worden, kunnen wij hier uitvoeren.”

“Dat betekent overigens niet dat het ziektebeeld centraal staat bij een verpleegkundig kinderdagverblijf”, vertelt Marjolein Bakker, als verpleegkundige werkzaam bij verpleegkundig kinderdagverblijf Zigzag in Hoorn. “Het kind staat centraal. We vinden het heel belangrijk om de normale ontwikkeling te stimuleren. Daarbij hebben we alleen meer oog voor alle kwetsbaarheden.”

Kwetsbaarheden

Marjolein is op dit moment ‘mentor verpleegkundige’ van een meisje dat geboren is met CHD. “Bij CHD hebben jonge kinderen al veel meegemaakt. Naast lichamelijke klachten, zoals kwetsbare longen, maagklachten of slikproblemen, houden we ook andere bijkomende problemen in de gaten. Denk aan trauma’s die zich kunnen ontwikkelen, doordat de meeste kinderen al heftige ingrepen hebben gehad. Daar kunnen trauma’s door ontstaan en dat kan bijvoorbeeld leiden tot voedingsproblematiek. Op zulke dingen zijn we ook extra alert.”

Dat is dus naast alle verpleegkundige handelingen die ze uitvoeren, zoals het toedienen van medicatie, het inbrengen van een sonde of geven van prikjes. “Voor die handelingen hebben we een aparte kamer, zodat ze de centrale ruimte blijven zien als een leuke, veilige plek”, vertelt Marjolein. “Daardoor gaan ze vaak snel weer door waarmee ze bezig waren. We bereiden de kinderen ook voor als we even naar de andere ruimte gaan als we een handeling moeten uitvoeren. We overvallen ze dus nooit, want dan schaad je het vertrouwen.”

Ontlasting voor ouders

De verpleegkundig kinderdagverblijven bieden een welkome uitkomst voor ouders die een kind krijgen met een zeldzame aandoening. Vaak moet dan namelijk het oorspronkelijke plan voor de opvang veranderd worden, bijvoorbeeld omdat opa en oma het toch te spannend vinden om op te passen. Of, omdat ze bij reguliere kinderopvangen de zorg niet kunnen bieden. “Bij ons kunnen de kinderen toch in contact komen met andere kinderen en dat is goed voor de ontwikkeling”, vertelt Linda.

Maar het ontlast vooral even de ouders, die vaak door een zware periode gaan. “Sommige ouders gaan werken, anderen gebruiken de dag om even tijd voor zichzelf te hebben”, zegt Linda. “Daar voelen ouders zich soms best wel schuldig over. ‘Dan breng ik mijn kind weg en ga ik niks doen’, denken ze dan. We vertellen ze dat het helemaal niet gek is, dat schuldgevoel. Maar dat ze dat echt niet zo moeten zien. Je hebt als ouder die tijd gewoon nodig om even op te kunnen laden. Ook al krijgen sommigen al hulp van een verpleegkundige thuis. Als je kind hier is, is het toch makkelijker om het echt even los te laten.”

Geen juffen, maar verpleegkundigen

Ook ziet Linda dat het voor ouders lastig is om hun kind na zo’n intensieve zorgperiode naar een kinderopvang te brengen. “Dat is ook heel begrijpelijk, want je laat je kind ergens achter. Je hebt er geen zicht meer op. Daarom doen we er alles aan om vanaf het eerste moment ouders een zo goed mogelijk gevoel te geven. We voeren bijvoorbeeld altijd een gesprek bij mensen thuis. Dan stellen we hele gerichte vragen over de zorg en vaak horen we dan dat mensen beseffen dat we geen juffen zijn, maar verpleegkundigen. Dat zorgt al voor vertrouwen. En als het kind bij ons is, sturen we regelmatig foto’s en zijn we heel makkelijk te bereiken. En mocht er iets zijn, bellen we direct. We overvallen ouders natuurlijk nooit aan het einde van de dag met dingen waarover we twijfelden of zorgen rondom de gezondheidssituatie.”

Kortom, het contact is heel laagdrempelig. “Wij plannen ook regelmatig gesprekken met ouders om te bespreken hoe alles gaat”, vertelt Marjolein. “Andersom houden ouders ons ook goed op de hoogte van hoe het thuis gaat. Er ontstaat vaak best een intensieve band. Daardoor kunnen we ook goed meedenken. Wij werken bijvoorbeeld nauw samen met een logopedist, fysio en muziektherapeut, waardoor die afspraken ook hier plaats kunnen vinden. Dan hoeven die ouders dat niet te doen. En we hebben een team dat zorg thuis verleent. Ouders kunnen dan bijvoorbeeld een keer een avondje weg, want zij kunnen natuurlijk geen buurmeisje als oppas vragen.”

Warme overdracht basisschool

Hoe lang de kinderen kunnen blijven bij een verpleegkundig kinderdagverblijf verschilt, maar meestal vindt er een ‘warme overdracht’ plaats op het moment dat de kinderen naar de basisschool gaan. Ook gebeurt het regelmatig dat het zo goed gaat met de gezondheid dat kinderen naar een regulier kinderdagverblijf kunnen.

“Maar dat gaat natuurlijk nooit van de ene op de andere dag”, zegt Linda. “Er zit altijd een overgangsperiode van een aantal maanden in waarbij je toewerkt naar de afbouw van de zorg en het moment waarop een kind ergens anders heen gaat. Tegelijkertijd willen we ook niet onnodig lang een plek bezet houden, waardoor een ander kind langer moet wachten. Dat begrijpen ouders vaak ook.”

Veel is dus net even iets anders dan bij een reguliere kinderopvang. Wat — helaas misschien — dan weer niet anders is, zijn de kinderziektes. “Ook bij ons worden ze gewoon verkouden”, zegt Marjolein. “En komen de waterpokken weleens voor. Daar ontkom je niet altijd aan.”

Hoe zit het financieel?

De opvang bij een verpleegkundig kinderdagverblijf wordt betaald vanuit de zorgverzekeringswet. Daarvoor ben je standaard verzekerd, je hoeft er dus geen aanvullende verzekering voor afgesloten te hebben. Ook gaat het niet ten koste van je eigen risico. Voor de kilometers die je moet rijden voor het brengen en halen van je kind kun je bovendien vaak een vergoeding vragen bij de zorgverzekering. Er is een verpleegkundige indicatie nodig om in aanmerking te komen voor deze vorm van opvang.

Steun PlatformCHD

Deel deze pagina